Stichting Integratie Projecten voor Allochtonen binnen de Nederlandse Samenleving
woensdag 26 september 2007
Generaal pardon kost Zwolle 6,5 ton
Generaal pardon kost Zwolle 6,5 ton
20 september 2007
ZWOLLE - Het college denkt 650.000 euro nodig te hebben om in 2008 en het restant van 2007 het generaal pardon te financieren. Zwolle verwacht dat twee - tot driehonderd asielzoekers voor een verblijfsvergunning aan zullen kloppen.
Het Zwolse college - dat immers dezelfde samenstelling heeft als het kabinet dat tot het Generaal Pardon besloot, plus nog eens GroenLinks/De Groenen - vindt de klus een 'plezierige taak', zegt wethouder Knol. De honderden asielzoekers moeten gehuisvest worden, maar komen ook in aanmerking voor een uitkering. Knol: "Niet als eindstation, maar als tussenstap. We denken dat deze groep mensen kansrijk is op de arbeidsmarkt."
'Rijscholen weigeren allochtonen massaal' Uitgegeven: 21 september 2007 23:22
AMSTERDAM - Rijscholen weigeren op grote schaal allochtone cursisten om een hoog slagingspercentage te houden. Dat schrijft dagblad Trouw op basis van een rondgang langs vijfentwintig rijschoolhouders.
Een lager cijfer op de website van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) zou slechte reclame zijn.
Achttien van de vijfentwintig rijscholen bevestigden dat allochtonen die de taal niet zo goed beheersen worden gediscrimineerd. Vier rijschoolhouders herkenden de verhalen niet en drie onthielden zich van commentaar.
Verwerpelijk
"Dit gedrag is verwerpelijk", zegt een woordvoerder van de Bovag, waar 750 rijscholen bij zijn aangesloten. "Als wij aanwijzingen zouden hebben dat één van onze scholen discrimineert, dan zouden we meteen passende actie nemen."
Het CBR maakt sinds vijf jaar de slagingspercentages openbaar. Trouw constateert dat de verschillen in percentages op de CBR-site 'opvallend groot' zijn.
Veel rijscholen met buitenlandse achternamen scoren gemiddeld erg laag, andere rijscholen halen vijftig procent geslaagden bij een eerste examen."
Concurrentie
Rijschoolhouder Jan Bakker uit Alkmaar zegt dat rijschoolhouders zich in het verkeer aan de regels houden maar daarbuiten het minder nauw nemen met de regels. "Er wordt flink gesjoemeld. Dat komt door de moordende concurrentie."
Bij Bakker haalt een op de drie het eerste examen. "Daar heb ik lak aan. Ik vind het geweldig om leerlingen met wat voor een achterstand dan ook, toch aan een rijbewijs te helpen."
"Maar veel collega's zijn er wel gevoelig voor. Die selecteren hun klanten en goochelen met cijfers."
Opvanghuis
Een Turkse rijschoolhouder uit Schiedam zegt zich soms een 'opvanghuis voor elders weggestuurde of gefrustreerde' cursisten te voelen.
Een woordvoerder van het CBR laat weten dat de instantie slechts kan toezien of er sprake is van discriminatie bij het examen, niet bij de selectie van cursisten. "Wij hebben geen toezichtfunctie op de rijscholen; het zijn zelfstandige ondernemers."
(c) Novum
Joustra vindt felle anti-islamtoon bedreigend
24 september 2007
ROTTERDAM (ANP) - De Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding (NCTb), Tjibbe Joustra, vreest de gevolgen van de toon die sommige prominente Nederlanders aanslaan in de discussie over moslims. Dat zegt hij maandag in het AD.
Joustra doelt daarbij volgens de krant onder meer op uitspraken van Kamerlid Geert Wilders en van Ehsan Jami, oprichter van een comité voor ex-moslims. Hij noemt hen in het stuk echter niet bij naam.
,,Als iemand zulke dingen zegt, dan kijk ik daar met gemengde gevoelens naar,'' zegt Joustra. ,,Zulke radicale uitspraken kunnen individuen die op de rand van geweld staan, het laatste duwtje geven.''
Integratie van allochtonen verloopt verschillend
19-09-2007
Inleiding
De integratie van Antillianen, Surinamers, Marokkanen en Turken verloopt op een verschillende manier. Dat blijkt uit de 'Survey integratie minderheden 2006' van het Sociaal en Cultureel Planbureau dat in het najaar van 2007 is verschenen. Zo hebben Antilianen en Surinamers het vaakst een relatie met een autochtoon. Dit geldt in het bijzonder voor de Antilliaanse tweede generatie. Turken en Marokkanen hebben in overgrote meerderheid een partner uit de eigen herkomstgroep.
Probleemstelling
Hoe verloopt de integratie van allochtone bevolkingsgroepen in Nederland?
Beschrijving
Om de voortgang van de integratie van minderheidsgroepen te kunnen blijven volgen heeft de Directie Inburgering en Integratie (DI&I) van het ministerie van Justitie het SCP verzocht de inhoudelijke opzet en uitvoering ter hand te nemen van een survey onder de vier grootste minderheidsgroepen in Nederland. Hiertoe is in 2006 het Survey integratie minderheden (SIM) uitgevoerd. De gegevens van het SIM zijn in eerste instantie bedoeld voor het Jaarrapport Integratie dat in 2007 door het SCP wordt uitgebracht.
Conclusies
Antillianen hebben beduidend vaker geen kinderen in vergelijking met andere etnische groepen. Autochtonen daarentegen hebben veel vaker een of twee kinderen. Veel Marokkanen maken deel uit van grote gezinnen met vijf of meer kinderen.
Surinamers en Antillianen hebben het vaakst een relatie met een autochtoon. Surinamers van de tweede generatie hebben in 48% van de gevallen een autochtone partner en Antillianen in 60% van de gevallen. 21% van de tweede generatie Marokkanen heeft een autochtone partner; bij Turken is dit 14%.
Het grootste deel van de Turken en Marokkanen is vanwege werk, gezinshereniging, huwelijk en het meekomen met ouders naar Nederland gekomen. Surinamers noemen het vaakst studie, de politieke situatie in eigen land, gezinshereniging en het meekomen van ouders als reden voor hun komst naar Nederland. Antillianen komen vaak voor het volgen van een studie naar Nederland.
Gegevens publicatie Auteur: Dagevos, J., M. Gijsberts, J. Kappelhof, M. Vervoort ISBN: 13978-90-377-0332-0
Minister Vogelaar presenteert Deltaplan Inburgering
07-09-2007
De ministerraad heeft op voorstel van minister Vogelaar voor Wonen, Wijken en Integratie ingestemd met het Deltaplan Inburgering Vaste voet in Nederland. In het plan staan voorstellen om de kwaliteit van de inburgering te verbeteren en om meer mensen in te laten burgeren. Uitgangspunt van het Deltaplan Inburgering is de op 1 januari 2007 in werking getreden Wet inburgering.
De inburgering moet kwalitatief beter en de resultaten van de deelnemers moeten omhoog. Daarom treft de bewindsvrouw maatregelen om dat in gang te zetten. Tijdens de persconferentie stelde Vogelaar dat in de afgelopen weken een verkeerd beeld in de media is ontstaan over het nieuwe plan. 'De huidige Wet inburgering blijft in hoofdlijnen bestaan, het gaat meer om een vereenvoudiging,' zei Vogelaar. De wet, die op 1 januari 2007 in werking trad, is en blijft de basis voor het inburgeringsprogramma. De wet wordt zodanig aangepast dat uitvoering voor gemeenten eenvoudiger wordt. Met het Deltaplan Inburgering kunnen jaarlijks ongeveer 60.000 mensen starten. Dat aantal ligt nu op 35.000. Het kabinet heeft 460 miljoen euro vrijgemaakt voor de uitvoering.
Bron: Ministerie van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieu
WRR geeft visie op nationale identiteit
24-09-2007
De Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) bepleit een nieuwe beleidsstrategie, waarin identificatieprocessen centraal staan. Zo'n strategie bevordert dat mensen met uiteenlopende achtergronden en opvattingen zich in Nederland 'thuis voelen'. Op 24 september presenteerde de WRR het rapport Identificatie met Nederland. De raad doet in dit rapport beleidsvoorstellen aan de regering om de verbondenheid van inwoners van Nederland met Nederland te versterken.
Een benadering die vertrekt vanuit identificatieprocessen biedt meer mogelijkheden voor een toekomstgerichte beleidsstrategie dan een benadering die de nationale identiteit centraal stelt. Verbinding komt met name tot stand als verschillen niet uitsluitend als een probleem worden gezien maar vooral ook als een kans. Identiteit is niet enkelvoudig, zo stelt de WRR in zijn onderzoek vast. Mensen voelen zich verbonden met zowel familie, werk of stad maar ook met de plaats waar ze vandaan komen, of dat nu in Nederland of daarbuiten is. Mensen die 'van meerdere markten thuis zijn' hebben veel te bieden in een wereld die steeds verder globaliseert.
De urgentie om op een andere manier naar nationale identiteit te kijken is actueel. Zowel migranten en hun kinderen als 'oorspronkelijke' Nederlanders voelen zich niet altijd op hun gemak in ons land en voelen zich soms zelfs buitengesloten. Sommigen keren zich helemaal af van de Nederlandse samenleving en trekken zich terug in hun eigen groep. In extreme gevallen is zelfs sprake van radicalisering en angst.
Bron: WRR
Rijk ondersteunt met website gemeenten bij uitvoering van Wet inburgering Inleiding
Met de website HANDIG ondersteunt het Rijk gemeenten bij het uitvoeren van de Wet inburgering. HANDIG staat voor HANDreiking Inburgering voor Gemeenten. De Directie Integratie en Inburgering van het Ministerie van VROM stelt HANDIG ter beschikking aan gemeenten en instellingen om hen te ondersteunen bij de uitvoering van de Wet inburgering. HANDIG geeft informatie over de belangrijkste thema's van de wet. De website is gevuld met veel informatie en instrumenten.
Probleemstelling
Hoe worden gemeenten geholpen bij het uitvoeren van de Wet inburgering?
Aanpak
HANDIG is in opdracht van de Front Office Inburgering als onderdeel van een pakket instrumenten ontwikkeld om gemeenten te ondersteunen bij de invoering van de Wet inburgering in Nederland. Deze instrumenten steunen gemeenten bij het maken van lokale keuzes, zodat de Wet inburgering snel in de praktijk kan worden gebracht. Via HANDIG komen deze instrumenten on line beschikbaar.
Op de website kom je via het kopje 'HANDIG in thema's' bij alle inhoudelijke thema's die belangrijk zijn bij de Wet inburgering. Gemeenten vervullen in het nieuwe inburgeringsstelsel een spilfunctie. Verschillende aspecten van de invulling van deze functie komen in de hoofdstukken aan de orde. Ook besteedt de website aandacht aan bijvoorbeeld de reikwijdte van de Wet inburgering, het inburgeringsexamen en de rol van de IB-groep bij het verlenen van leningen en vergoedingen.